menu

Componisten geboren tussen 1500 en 1519 

Cristóbal de Morales (~ 1500 – 1553)

Cristóbal de Morales was een Spaans componist van de Renaissance. Hij schreef vele missen waarvan enkele met een zeer hoge moeilijkheidsgraad; hij schreef meer dan 100 motetten, 18 zettingen van het Magnificat en op z’n minst vijf zettingen van de Lamentaties van Jeremia. Alleen al de magnificats bezorgen hem een aparte plaats onder de componisten van zijn tijd en ze vormen het deel van zijn oeuvre dat vandaag het meest wordt uitgevoerd. Stilistisch heeft zijn muziek veel gemeen met het werk van andere Renaissancecomponisten van het Iberisch schiereiland. Een unieke kenmerk van zijn stijl is de ritmische vrijheid. In zijn late periode schrijft hij in een sober, uitgesproken homofone stijl, maar door zijn loopbaan heen bleef hij een zorgvuldige ambachtsman die uitdrukkingskracht en tekstverstaanbaarheid als het hoogste artistieke goed inschatte. Morales was de eerste Spaanse componist van internationaal formaat. Zijn werken werden in Europa ruim verspreid en vele kopieën maakten de reis naar de Nieuwe Wereld. Vele schrijvers en theoretici in de honderd jaar na zijn dood beschouwden zijn muziek als behorend tot de meest perfecte van zijn tijd.

Wikipedia

Muziekvoorbeelden

naar boven


Thomas Crecquillon (~ 1505 – ~1557)

Thomas Crecquillon was een Vlaamse polyfonist uit de Renaissance. Hij was lid van de hofkapel van keizer Karel V. Crecquillons muziek stond bij zijn tijdgenoten in hoog aanzien; ze vertoont een harmonische en melodische gladheid die een voorafspiegeling is van een polyfone stijl die bij Palestrina een hoogtepunt bereikt. Crecquillon schreef twaalf missen, meer dan 100 motetten en bijna 200 chansons. Stilistisch wendt hij de imitatieve techniek veeleer toe op een aan Josquin Desprez ontleende wijze, en dat in bijna alle sacrale werken (missen en motetten), waarbij hij de toenmalige trend volgt van doorimitatie en polyfone complexiteit. Anders dan bij Josquin varieert Crecquillon zelden zijn textuur om dramatische effecten te verkrijgen. Zijn wereldlijke chansons verschillen van die van andere componisten van zijn tijd, doordat ze ook doorimitatie aanwenden, hoewel ze – zoals gebruikelijk in een lichter genre – veelvuldig gebruikmaken van herhaling (bijvoorbeeld bij de finale frase). Omdat ze imitatief waren gingen Crecquillons chansons behoren tot de beste modellen voor de latere ontwikkeling van de instrumentale canzona, een instrumentale vorm die, zoals de naam overigens aanwijst, rechtstreeks uit het chanson is ontstaan. Vele van deze chansons werden bewerkt voor instrumenten, in het bijzonder voor luit.

Wikipedia

Muziekvoorbeelden

naar boven



Thomas Tallis (~ 1505 – 1585)

Thomas Tallis was een Engelse componist en organist. Hij wordt beschouwd als de grondlegger van de Engelse, anglicaanse kathedraalmuziek. Hoewel hij katholiek gebleven was, genoot hij een grote waardering aan het hof. De overgrote meerderheid van Tallis' werk is in het Latijn, en zijn Engelse anthems stammen uit de perioden waarin het Anglicaanse beleid Engels als taal voor kerkzangen oplegde. Tallis is een van de eerste meesters die Engelse teksten op muziek zetten voor kerkelijk gebruik. Twee van zijn beroemdste werken zijn de hymnen If ye Love me en Hear the Voice and Prayer, die in zekere zin in het collectieve geheugen van de gemiddelde Engelsman gedrukt staan. Een compact en buitengewoon weldoordacht pareltje uit Tallis' Engelse repertoire is Blessed are they that be Undefiled, waarin zijn typische strakke, harmonische eenvoud aan de oppervlakte komt. Daarnaast putte Tallis zich echter graag uit in het overdonderen met grote koren; het bekendste voorbeeld hiervan is Spem in alium, een motet voor niet minder dan veertig stemmen, dat vermoedelijk ter gelegenheid van de veertigste verjaardag van Elizabeth gecomponeerd werd.

Wikipedia

Muziekvoorbeelden

naar boven



Jacob Arcadelt (~ 1505 – 1568 of 1575)

Jacob Arcadelt, ook wel Jacobus Flandrus, was een renaissance-polyfonist uit de Franco-Vlaamse School. Hij componeerde voornamelijk madrigalen en chansons. Hij zette teksten van Boccaccio, Lorenzo de Medici, Petrarca, Bembo en Michelangelo op muziek. Hij zet ook sonnetten, canzones, liefdesgedichten en frivoler materiaal op muziek. Hij verinnerlijkte de wereldlijke compositiestijl van de Italianen en verbond die met de geestelijke van de Nederlandse polyfonisten van zijn geboorteland. Als erfgenaam van Josquin Desprez en als voorganger van da Palestrina drukte hij zijn stempel op een nieuwe Italiaans-Nederlandse stijl, die nog honderd jaar lang de interesse wist te wekken van nieuwe generaties componisten. Zijn werken bleven toonaangevend in de muzikale opvoeding tot aan de tijd van Bach. Arcadelts stijl is verfijnd, zuiver, melodieus en eenvoudig. Zijn chansons, missen, motetten en madrigalen verschijnen menigvuldig in druk in de loop van de 16e eeuw in Romeinse, Venetiaanse en Parijse verzamelwerken. Zijn bekendste madrigaal is Il bianco e dolce cigno (= De witte en zoete zwaan), dat opmerkelijk is vanwege zijn heldere frasering, het verstandige gebruik van herhaling en het voortreffelijk zingbare karakter. De stijl van dit madrigaal beïnvloedde een volgende generatie madrigalisten, onder wie Palestrina.

Wikipedia

Muziekvoorbeelden

naar boven



Pierre de Manchicourt (~ 1510 –1564)

Pierre de Manchicourt was een Vlaamse renaissancecomponist. Hij was kapelmeester in Doornik en Atrecht. Vanaf 1559 was hij kapelmeester van de Capilla Flamenca aan het hof van Filips II van Spanje in Madrid. Hij bleef daar tot zijn dood. De Manchicourt schreef vooral missen, motetten en chansons. Zijn motetten zijn van belang omdat ze de drie afzonderlijke fasen van de vroege zestiende eeuwse motetontwikkeling laten zien, zeer ongebruikelijk in het werk van een enkele componist. In zijn vroegste motetten kan men de invloed van Ockeghem horen; in zijn middenperiode werkt de gepaarde imitatiestijl van Josquin des Prez; en zijn late werken herinneren aan Gomberts stijlvolle verfijning, goed vervaardigde melodische lijnen en doordachte imitatie. Manchicourt is een uitstekend voorbeeld van een Frans-Vlaamse componist die zijn ambacht en kunst in Noord-Europa heeft geleerd, en vervolgens heeft bijgedragen aan de verspreiding van deze stijl door naar een andere regio te reizen en aldaar te componeren.

Wikipedia (Engels)

Muziekvoorbeelden

naar boven



Clemens non Papa (~ 1510 – ~ 1555)

Jacob Clemens non Papa was een Renaissancecomponist uit de Franco-Vlaamse School. Van zijn leven is weinig bekend. Hij was afkomstig uit één van de zeventien Provinciën van het huidige België of Nederland (misschien Zeeland). Zijn eerste compositie verscheen in 1536. In maart 1544 werd hij benoemd tot zangmeester aan de St Donaaskerk van Brugge. Na een jaar verliet hij Brugge echter. Tussen 1545 en 1549 was hij waarschijnlijk werkzaam aan het hof van Filips II van Croÿ, hertog van Aerschot en generaal van keizer Karel V. In 1550 was hij gedurende drie maanden te gast in 's-Hertogenbosch bij de Lieve Vrouwenbroederschap. In 1551/1552 was hij mogelijk te gast in Leiden; de Leidse koorboeken, afkomstig uit de Pieterskerk, bevatten heel wat van zijn werken, onder andere een cyclus Magnificat-zettingen. In tegenstelling tot een aantal van zijn tijdgenoten lijkt Clemens nooit naar Italië te zijn geweest. Zijn stijl is "noordelijk" gebleven zonder Italiaanse invloeden. Hij heeft talrijke composities geschreven, onder meer 15 missen, meer dan 200 motetten en vier boeken met in totaal 159 driestemmige psalmen in de Nederlandse taal (souterliedekens). Deze werden uitgegeven door Tielman Susato in Antwerpen.

Wikipedia

Muziekvoorbeelden

naar boven



Nicola Vicentino (1511 – ~ 1576)

Nicola Vicentino was een Italiaanse muziektheorist en renaissance componist. Hoewel Vicentino bekend stond als componist (twee boeken met madrigalen en motetten in een harmonisch verfijnde stijl), was het zijn werk als muziektheorist die hem bekendheid bracht. Vanaf 1550 was in Italië belangstelling voor de chromatische compositie, gemotiveerd door onderzoek naar oude Griekse muziek. In 1555 publiceerde hij zijn beroemdste werk, L'antica musica ridotta alla moderna prattica (oude muziek aangepast aan de moderne praktijk), waarin hij zijn ideeën volledig uiteenzette in verband met de oude Griekse muzikale theorie en de praktijk met hedendaagse werken. Een ander gebied waarin Vicentino oorspronkelijk werkte was muzikale dynamiek. Hij was een van de eerste theoretici, en misschien wel de eerste, om toonsterkte als expressieve parameter te noemen. In L'antica musica ridotta alla moderna prattica noemde hij dat de kracht van het zingen de tekst en de passage die gezongen wordt, zorgvuldig moet respecteren.

Wikipedia (Engels)

Muziekvoorbeelden

naar boven



Cipriano de Rore (1515 – 1565)

Cipriano De Rore was een componist afkomstig uit de Nederlanden. De Rore is het bekendst door zijn Italiaanse madrigalen, maar hij was ook een productief componist van geestelijke muziek, zowel van missen als van motetten. Josquin des Prez was zijn uitgangspunt en hij ontwikkelde vele technieken vertrekkend van de stijl van deze componist. Van De Rore kennen we vijf missen, ongeveer 80 motetten, verschillende psalmen, wereldlijke motetten, en een zetting van de Johannespassie. Als componist van madrigalen verwierf De Rore echter blijvende roem. Hij was verreweg de meest invloedrijke madrigalist van het midden van de zestiende eeuw. Hij schreef er meer dan 120. Meestal zijn ze vier- of vijfstemmig, met één voor zes stemmen en één voor acht; de geest van zijn composities neigt naar ernstig, in het bijzonder in contrast met het lichtzinnige karakter van het werk van de oudere generatie madrigalisten zoals de Nederlanders Jakob Arcadelt en Philippe Verdelot. De Rore behoorde tot de tweede generatie madrigalisten. De invloed van De Rores stijl is goed aanwijsbaar in het werk van Lassus, Palestrina, Philippus de Monte en zelfs bij een veel latere componist als Claudio Monteverdi.

Wikipedia

Muziekvoorbeelden

naar boven