menu

Nieuwsbrief Muzikale Verhalen (76) 

November 2025  

Beste lezer,

Enkele weken geleden werd ik - zoals ik in een tussentijds bericht in de e-mail heb beschreven - onaangenaam getroffen door een claim vanwege een foto van Reinbert de Leeuw, die ik meer dan 5 jaar geleden op mijn website had geplaatst.

Dankzij ruime schenkingen was het benodigde bedrag (€ 368) in precies 24 uur bijeengebracht. 16 Abonnees maakten spontaan geld over. Er waren nog meer die wilden schenken, maar dat was niet meer nodig. Om verdere claims te voorkomen heb ik voor de zekerheid alle portretfoto's van componisten die na 1900 geboren zijn verwijderd. In de loop der tijd zal ik rechtenvrije foto's terugplaatsen.


Het verdere positieve nieuws is dat deze actie mij heeft geïnspireerd om de website over 2.500 jaar westerse muziekgeschiedenis geheel door te werken en waar nodig aan te vullen. (Een flinke klus die nog lang niet is afgerond.)

Hierdoor kwam de gedachte in mij op in de komende nieuwsbrieven markante werken chronologisch de revue te laten passeren, te beginnen met de Griekse Oudheid.


In de vorige nieuwsbrief is aandacht besteed aan de Letse componist Peteris Vasks. Ina van Dijk stuurde per omgaande de volgende reactie (met toestemming geplaatst): "Dank voor je nieuwsbrief. Ik heb lang geleden eens iets van Vasks geschilderd, Elegy, had ik op youtube gevonden. Ik vind het heel bijzonder wat hij componeert!".


Mijn jongste dochter had ons uitgenodigd voor een concert door Trio Amarant op 5 oktober in een boerderij in Broekland. Op het programma van het trio (Eva van den Dool, piano, Hrayr Ter-Sargsyan, viool en Isabelle Gouder de Beauregard, cello) stonden trio's van Beethoven, Debussy en Mendelssohn. Vooral Debussy trof mij het meest. Zij speelden de delen 2 en 3 van Pianotrio in G majeur. Dit concert is de directe aanleiding dit werk in deze nieuwsbrief op te nemen.

Ik wens je veel lees- en luisterplezier.!

Imke Jelle van Dam


Inhoudsoverzicht


Info bekostiging maandelijkse nieuwsbrief

Mocht u iemand kennen die mogelijk ook interesse heeft in deze nieuwsbrief, dan wordt het op prijs gesteld als u deze met begeleidend schrijven doorstuurt. Men kan zich dan zelf kosteloos abonneren (info).


Pianotrio in G majeur van Claude Debussy

Claude Debussy (1862 – 1918) was een Frans componist die vernieuwing bracht binnen de klassieke muziek. Tijdens de Wereldtentoonstelling van 1889 in Parijs raakte hij onder de bekoring van de Javaanse muziek, met name van de klanken van de gamelan. Hierdoor lukte het hem een hoogst oorspronkelijke, eigen klanktaal te ontwikkelen.

Het Pianotrio in G majeur stamt uit een eerdere periode, ruim voor hij zijn karakteristieke stijl ontwikkelde. Uitgever G. Henle Verlag schrijft: Debussy componeerde dit werk in de zomer van 1880 in Fiesole, Italië, toen hij 18 jaar oud was. Op dat moment was hij de muzikale reisgenoot van Nadescha von Meck, de beroemde beschermvrouwe van Tsjaikovski. Het grootste deel van het originele handgeschreven manuscript werd als verloren beschouwd en werd pas meer dan 100 jaar later, in 1982, ontdekt in de nalatenschap van Debussy's leerling Maurice Dumesnil. Toen Henle in 1986 de eerste uitgave publiceerde, werd het trio met open armen ontvangen door de muziekwereld. Ensembles haastten zich om het te spelen en er volgden talrijke opnames. Hoewel formele conventies de overhand hebben, vertoont het werk een melodische frisheid en inflecties (klankbuigingen) en fraseringen die typisch zijn voor Debussy.

Het trio bestaat uit vier delen: Andantino con moto allegro, Scherzo-Intermezzo, Andante espressivo en Finale.

Muziekvoorbeeld van het Pianotrio op YouTube met partituur

Alle uitvoeringen van het Pianotrio op YouTube

naar boven

Historische bronnen uit de Griekse Oudheid

Bewaard gebleven stuk van een papyrusrol met muzieknotatie


Wat we over melodieën voor zang en voor instrumenten uit het oude Griekenland vanaf circa 500 jaar voor Christus weten, is gebaseerd op enkele inscripties op pilaren en marmeren zuilen en grotendeels door bewaard gebleven losse stukken van papyrusrollen. In 2001 hebben Pöhlmann en West alle 61 tot dan toe ontdekte muziekfragmenten gedocumenteerd in het boek Documents of Ancient Greek Music: The Extant Melodies and Fragments. In Griekenland zijn alle originele papyrusrollen vergaan vanwege het vochtige klimaat. Wel zijn in Egypte in de negentiende en twintigste eeuw flarden papyrusrollen ontdekt met muzieknotatie. Het droge Egyptische klimaat zorgde ervoor dat het organische materiaal niet verging. En wat er is gevonden lag ook nog eens op vuilnisbelten en dergelijke en niet in bibliotheken.

Wat betreft de overlevering van de harmonieleer uit de Griekse Oudheid is de situatie anders. Aristoxenos schreef Harmonica (drie boeken) en Rhythmica in de 4e eeuw v.Chr. op papyrusrollen. Papyrus is echter gevoelig voor vocht en licht. De meeste originele rollen gingen verloren door beschadiging, brand of verrotting. Sommige teksten werden gereproduceerd door kopiisten in bibliotheken, bijvoorbeeld in Alexandrië en in tempels. Wat uiteindelijk bewaard is gebleven zijn delen van de eerste twee boeken van de Harmonica; het derde is verloren gegaan. Inhoudelijk behandelt de Harmonica de grondslagen van toon, interval, geslacht, toonladder, tonoi, modulatie en melodische structuur. Latere schrijvers zoals Cleonides, Ptolemaeus, Porphyrios en Boëthius hebben veel ideeën uit Aristoxenos’ Harmonica overgenomen of samengevat, waardoor zijn theorieën indirect via hen zijn overgeleverd.

De Rhythmica ging over muzikale maatsoorten en ritmische structuren. Het is slechts fragmentarisch bewaard — alleen enkele citaten en korte passages zijn bekend. Deze fragmenten komen van latere schrijvers zoals: Porphyrios (3e eeuw n.Chr.), Athenaios en Pseudo-Plutarchus. Hierdoor hebben we maar een gedeeltelijk beeld van Aristoxenos’ ideeën over ritme.

De sleutelfiguur voor de muziekleer vanaf de vroege Middeleeuwen was de Romein Boëthius (ca. 480-525 n.Chr.), die Aristoxenos’ ideeën in het Latijn heeft vertaald in de institutione musica.


naar boven

Overgeleverde muziek uit de Griekse Oudheid

(Transcriptie van de insciptie op de Seikilos-zuil)


Door overlevering van de muziektheorie en 61 muziekfragmenten wordt duidelijk dat er een hoogstaande muziekcultuur bestond in het oude Griekenland. Ruim een kwart van wat er resteerde aan muzieknotatie leende zich voor een kunstzinnige vertolking. Op YouTube zijn 16 voorbeelden te vinden, waarbij gestreefd is het originele karakter te behouden, naast zang gebruikmakend van authentieke muziekinstrumenten: de kithara en de aulos. Alle muziek in die tijd, zowel zang als begeleiding, was éénstemmig.


Een willekeurige top 4

Euripides - Stasimon ('Orestes') (met kwarttonen)

Het betreft een fragment dat de regels 338–344 uit het eerste stasimon van Orestes bevat met zowel de Griekse tekst als de alfabetische muzieknotatie. Dit is één van de zeldzaamste directe getuigenissen van muziek bij een Griekse tragedie. Het is geschreven op papyrus. Het fragment kwam uit de cartonnage van een mummie die in 1883 is opgegraven bij Hermopolis in Egypte en gepubliceerd in 1892. Het handschrift wordt gedateerd op ca. 200 v.Chr., dus zo'n 200 jaar na de eerste opvoering in 408 v.Chr. De muzieknotatie wordt door wetenschappers geïnterpreteerd als aanwijzingen voor chromatische/enharmonische intervallen, d.w.z. microtonale stappen die in moderne termen soms als kwarttonen worden beschreven.

Ik huil, ik huil, het bloed van je moeder
dat je gek maakt, groot geluk in stervelingen
dat nooit blijft duren,
maar als een zeil van een snel schip,
dat door een god werd geschud
en met verschrikkelijke problemen
in de hebzuchtige en dodelijke golven
van de zee werd gestort.


Eerste Delphische hymne voor Apollo (Delphic Paean)

De Eerste Delphische Hymne aan Apollo (ook wel Eerste Delphische Paean genoemd) is een volledig bewaarde muzikale compositie met Griekse tekst én notatie. Ze werd in 1893 ontdekt op de muren van de Apollotempel in Delphi, in steen uitgehouwen, samen met een tweede hymne. Beide zijn opgedragen aan de god Apollo, ter gelegenheid van een feest in 128 v.Chr. ter ere van de Romeinse heerser en de hernieuwing van de Pythiaanse Spelen. Het stuk gebruikt een diatonische toonladder (geen enharmonische of microtonale intervallen zoals bij het Orestes-fragment). De componist vermeldt zichzelf in de inscriptie: Athenaios, zoon van Athenaios, uit Athene.

Luister, jullie die de diepe bossen van Helikon bewonen,
dochters, liefgearmd, van Zeus de donderaar.
Kom jullie bloedverbonden broer Phoibos toezingen
met zijn gouden lokken,
die over de dubbele rotspiek hier van Parnassos,
waar ook illustere vrouwen van Delphi wonen,
komt gereisd naar het water van Kastalia
om zijn orakelrots te bezoeken.
(...)


Seikiloslied

Het Seikiloslied is het oudste volledig bewaard gebleven muziekstuk ter wereld met zowel tekst als melodienotatie. Het betreft een inscriptie op een grafzuil (stele) van 60 cm hoogte, die door Seikilos is opgericht ter nagedachtenis aan Euterpe. De datering wordt geschat ergens tussen 15 v.Chr. en 100 n.Chr. De steen werd omstreeks 1893 aangetroffen in Aydin (het antieke Tralles), in West-Turkije, niet ver van Efeze. De tekst luidt:

Zolang je leeft, schitter,
wees in geen geval bedroefd;
want het leven duurt maar kort,
en de tijd eist zijn tol.


Oxyrhynchus Hymne

De Oxyrhynchus Hymne is een papyrusfragment van een vroegchristelijke hymne in het Grieks, met muzikale notatie. Datering van de lofzang ligt tussen 240 en 320 n.Chr. Het is de oudst bewaarde muzieknotatie van een christelijke tekst die tot op heden bekend is. De vindplaats is de Egyptische stad Oxyrhynchus, ongeveer 160 kilometer ten zuiden van Caïro, waar het fragment rond 1896 werd opgegraven. Deze vondst is een unieke getuigenis van muzikale continuïteit tussen de Oudheid en de Byzantijnse traditie. De tekst luidt:

Schijn, helder licht van de zon!
Laat ons met onze stemmen God verheerlijken,
lofzingend de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
Laat alle schepselen der mensen,
zonen van God, de heilige Naam lofprijzen,
alles wat op aarde en op zee is,
en wat in de ether omhoog vliegt.
Amen. Kracht, heerlijkheid tot in eeuwigheid,
aan God van allen. Amen, Amen.

naar boven

Gids voor orkestmuziek (49): Mozart (9)

Serenaden, Divertimenti, Cassationen

Dit zijn verschillende benamingen voor verpozingsmuziek. Ze werd zelfstandig uitgevoerd of diende als entr'act tussen de delen van een opera, bijvoorbeeld in de vorm van dansen. Ten tijde van Mozart werd het een soort suite, een verzame­ling van losse instrumentale stukken (gewoonlijk zes) die alle in dezelfde toonsoort staan. Zo hebben de delen ook dikwijls het oude danskarakter bewaard, en werden voor verschillende combinaties van blazers en strijkinstrumenten of afzonderlijk gecomponeerd. Uit deze vorm en groepering is later het strijkkwartet gegroeid. Mozart heeft vele van die verpozingsmuziekjes geschreven. Zijn Notturnen behoren even­eens tot dit genre.

Serenaden

Divertimenti

Cassationen

Notturnen

naar boven